Leerboek voor de Goochelkunst (0036)
  • Leerboek voor de Goochelkunst (0036)

Leerboek voor de Goochelkunst - 0036

€ 90,00
Inclusief belasting

Leerboek voor de Goochelkunst
Tonny van Rhee

Voor wie graag op een professionele manier met goochelen bezig is, voor mensen die een brede kennis willen opdoen over de goochelkunst, vanaf de basistechnieken tot de psychologie. Voor wie zijn of haar goocheltechnieken sterk wil uitbreiden en verbeteren via een compleet leerboek + CD-Rom.

Aantal

Leerboek voor de Goochelkunst
Tonny van Rhee

Voor wie graag op een professionele manier met goochelen bezig is, voor mensen die een brede kennis willen opdoen over de goochelkunst, vanaf de basistechnieken tot de psychologie. Voor wie zijn of haar goocheltechnieken sterk wil uitbreiden en verbeteren via een compleet leerboek + CD-Rom.

Voorwoord van de auteur

Dit boek draagt de algemene naam: "leerboek voor de goochelkunst", hoewel de leerstof hoofdzakelijk het close-up goochelen en de salon magie behandelt. 
Dat ik dit boek zo genoemd heb, komt omdat ik het voornemen heb om, als ik de tijd heb en weer de moed op kan brengen, meerdere delen te schrijven over andere takken van de goochelkunst. Hopelijk zal dit boek het eerste deel zijn van een reeks. 
Persoonlijk ben ik van mening, dat het close-up goochelen en de salonmagie de basis is van al het goochelen: wie dit beheerst, zal met andere takken van de goochelkunst geen problemen hebben. 
Mijn dank gaat uit naar mijn ex-leerlingen, die door hun kritische opmerkingen bijgedragen hebben tot de verduidelijking van de teksten. 
Ook dank ik de volgende goochelaars, die dit boek verrijkt hebben met hun instructieve bijdragen: Bob Driebeek, Flip!, JeanPaul, Marconick, Peter Pellikaan, Josli en Ferry. 
Mijn speciale dank gaat uit naar mijn vrouw, Marianne, die niet alleen (met veel geduld) alle foto's heeft gemaakt, maar zonder wiens stimulans dit boek nooit was klaar gekomen. 
Verder rest mij nog om iedere cursist veel succes toe te wensen! 

Tonny van Rhee 

Over dit boek

Dit boek is ontstaan uit mondelinge goochellessen. Oorspronkelijk dienden de teksten voor de leerlingen als geheugensteun voor wat men mondeling geleerd hadden. Voor dit leerboek voor de goochelkunst zijn de teksten en het aantal afbeeldingen echter aanzienlijk uitgebreid.

Dit boek is dus opgevat als een schriftelijke cursus, waaruit de student(e) een grote hoeveelheid basis technieken en principes van het goochelen en hun toepassingen kan leren. Wie ijverig studeert en oefent, kan dit alles in ongeveer 2 jaar behoorlijk beheersen. Men moet de leerstof niet onderschatten. Wie niet van tevoren weet, dat hij of zij, over voldoende tijd kan beschikken moet er niet aan beginnen! 

In deze cursus wordt er van uitgegaan, dat men bij nul begint en dus niets van het goochelen hoeft te weten. Het neemt echter niet weg, dat de leerstof zelfs voor de meeste goochelaars bijzonder interessant is. Wie de leerstof volledig beheerst, zal al tot de betere goochelaars behoren.

Over de auteur

Op 1 Juli 2000 heeft Tonny van Rhee zijn jubileum gevierd van 60 jaar goochelaar.  Hij heeft in die tijd zeer veel, zowel op het toneel als close-up, opgetreden voor gewoon publiek. Vooral de laatste 30 jaar heeft hij in de V.S.A. (4 tournees), Engeland, Nederland, Duitsland en België lezingen en demonstraties gegeven voor goochelaars. Twee van zijn lezingen worden op video band uitgegeven door Ron Macmillan (International Magic) in London. Ook heeft hij een 80-tal goochelaars in Nederland en België opgeleid.

Hij is mede-oprichter van de Magische Kring "Poetje Pah" en de Magische Kring "Open Magic Circle", Waarvan hij ere-voorzitter is. Hij is meer dan 40 jaar lid van de Haagse Amateur Goochelaars Club, waarvan hij momenteel voorzitter is.

Goochelboek T. v Rhee

ALGEMENE INLEIDING
SPEELKAARTEN (TERMINOLOGIE)
VALS MENGEN VAN KAARTEN
VALS DELEN EN VALS TELLEN
KAARTVERWISSELINGEN
KAARTEN LOKALISEREN, CONTROLEREN EN PALMEREN
GEDWONGEN KEUZE
EFFECTEN MET NORMALE SPEELKAARTEN
GEPREPAREERDE KAARTEN

EFFECTEN MET GEPREPAREERDE PAKKEN EN KAARTEN
MUNTEN (EN ANDERE KLEINE VOORWERPEN)
EFFECTEN MET MUNTEN
BEKERS EN BALLEN
DRAAD, TOUW EN LINT
PEDDELS DE SCHAAL EN DE FLAP
PAPIER SCHEUREN
SPECIALE EFFECTEN
IETS OVER DE PRESENTATIE 
GALERIJ DER PROMINENTEN

I. ALGEMENE INLEIDING
1. De wjze van leren 
2. De terminologie 
3. Goocheleffecten 
4. De vertoning 
5. De psychologie 
     [a] De afleidingskunst 
     [b] Misleiding 
     [c] De amusementswaarde 
6. Attributen 
7. Handelingen 
     [a] De normale handeling 
     [b] De valse handeling 
     [c] De heimelijke handeling 
8. Positie 
9. De hand 
10. De gezichtshoek 
11. Het één-vóór ('one ahead') principe 
12. Vrouwelijke goochelaars 
13. Het einddoel

II. SPEELKAARTEN (TERMINOLOGIE) 
1. De kaarten 
2. Enkele definities 
3. Het uitspreiden van kaarten 
4. Het ritsen van de kaarten 
5. Dribbelen 
6. Laten lopen 
7. Bladeren 
8. Getrukeerde kaarten 
9. Sleutelkaart 
10. Kaartcontrole 
11. De wijze van vasthouden 
12. Kaarten mengen 
     [a] Overhandschudden 
     [b] 'Hindoe shuffle' 
     [c] 'Riffle shuffle' 
     [d] Couperen

III. VALS MENGEN VAN KAARTEN 
1. Vals overhands schudden 
1. Onderste kaart onder houden 
2. Van boven naar onder schudden 
3. Van onder naar boven schudde 
4. Bovenste kaart boven houden 
5. 'Jog-shuffle' 
6. Bovenste naar bepaalde plaats schudden 
B. 'Hindoe-shuffle' 
    1. De bovenste kaarten boven houden 
    2. Vals tonen van de kaarten 
    3. De flushtratietelling ('Flushtration count') 
C. 'Riffle-shuffle' 
    1. Bovenste boven of onderste onder 
    2. De schijn 'riffle-shuffle' 
    3. Heimlijk omkeren van kaarten 
D. Vals couperen 
    1. Schijnbaar couperen 
    2. Slip cut 
    3. Weg couperen van de separatie

IV. VALS DELEN EN VALS TELLEN 
1. Voorbereidende handelingen 
     a. Heimelijk tellen 
     b. De duimtelling (thumb-count) 
     c. De dubbele afschuif ('double push-off') 
2. Vals delen of neertellen 
     a. Het neerleggen van een dubbele kaart op tafel 
3. Vals tellen 
     a. Buigtelling 1. ('Buckle count') 
     b. Buigtelling 2 
     c. De dubbele buigtelling 
     d. Kanttekeningen bij de buigtelling 
     e. De Hammantelling ('Hamman-count') 
     f. Heimelijk veranderen van het aantal kaarten 
     g. De Elmsley-telling 1 ('Elmsley-count') 
     h. De Elmsley-telling 2 
     i. Varianten op de Elmsley-telling 
4.  Meer tellen 
    a. Methode 1. De Buckley-telling ('Buckley count'). 
    b. Methode 2 
        [1] Normale telling 1 
        [2] Normale telling 2: 
        [3] Valse telling 
        [4] Spooktelling

V. KAARTVERWISSELINGEN 
1. Dubbele omdraai ('double turnover') 
    a. De bovenste dubbel omdraaien 
    b. Dubbeleomdraai van onder en vanuit het midden 
2. De meervoudige opname 
3. De werpverwisseling. ('throw change') 
4. De duimval ('thumb drop') 
5. De glij. (the glide) 
6. Omdraai verwisselingen 
    a. De eigenlijke verwisseling 
    b. Metode 1: De Curryverwisseling 
    c. Metode 2: De Van-Rheeverwisseling 1 
    d. Metode 3: Van-Rheeverwisseling 2 
7. De meksikaanse omdraai. (Mexican turnover) 
8. 'Second deal' verwisselingen 
    a. De voorwaartse second deal 
    b. De zijwaartse second deal 
9. De bovenste en onderste verwisseling. ('Top- en bottom change') 
    a. Een dun pakje kaarten 
    b. De bovenste verwisseling, algemene metode 
    c. De wrijfverwisseling 
10. De flitsverwisseling

VI. KAARTEN LOKALISEREN, CONTROLEREN EN PALMEREN 

1. Kaart lokaliseren 
    a. Het markeren van de plaats 
    b. Het vals insteken van een kaart 
        [1]. De zijuitsteek 
        [2]. Het doorsteken 
        [3]. De Jerry Andrus metode 
    c. Het merken van een kaart 
        [1]. De kreukel ('crimp') 
        [2]. Nagel merk 
    d. De toeschouwers bekijking 
2. Stelen en palmeren 
2a. De klassieke palmage 
    a. De bovenstepalmage (top palm) 
    b. Meerdere kaarten van boven palmeren 
    c. Eénhands bovenstepalmage 
    d. De zijdiefstal (Side steal). 
        [1]. Van uit de zijuitsteek 
        [2]. Direct uit het pak 
        [3]. De onderste diefstal 
        [4]. De tweede kaart 
        [5]. Na de Biddlebeweging 
2b. Andere palmages. 
    a. De vingertoppalmage 
    b. De dwarse duimpalmage 
3. Andere controles 
    a. De glijcontrole (bottom replacement) 
    b. Meervoudige overgang (multiple pass) 
    c. De volte 
    d. De zijdiefstalcontrole

VII. GEDWONGEN KEUZE 
1. De coupeer methode 
3. De psychologische lint methode 
4. De directe methode 
5. De dribbel methode 
6. De pakjes methode 
7. Keuze uit meerdere mogelijkheden 
    a. Via de kleur 
    b. Via handen opleggen 
    c. Via een getal 
8. Twee personen de zelfde kaart 
9. Slepen

VIII. EFFECTEN MET NORMALE SPEELKAARTEN 
1. Azen entree 's 
    a. Azen direct couperen 
    b. Koningen veranderen in azen 
    c. Mysterieuze veranderingen 
    d. Verhuizende azen 
2. Vier azen effecten 
    a. Basis principe 
    b. Metode 1 
    c. Metode 2 
    d. Metode 3 
3. Doe mij na. ( do as I do ) 
4. Oefen effekten voor de dubbele omdraai 
    a. De saltokaart 
    b. Verkeerde kans ? 
5. Aas twee drie, mentale routine 
6. Eén van de vijf 
7. Mentale controle 
8. Mentale kontrole vervolg 
9. Veranderende ruggen 
10. De vervlogen kaart 
11. Drie kansen nemen 
12. Verdwijnende azen 
13. Verdraaide kaarten 
14. Kaart naar zak

IX. GEPREPAREERDE KAARTEN 
1. Getrukeerde kaarten 
    a. Dubbele rug en dubbele beeld kaarten 
        [1]. Meervoudige verwisseling 
        [2]. Bedekking van een dubbele beeldkaart 
        [3]. Forceren met een dubbele rugkaart 
2. Voorgesorteerde pakken 
3. Gemerkte kaarten 
4. Forceer spelen 
5. Het éénrichting pak 
6. Het KORT-LANG pak 
    a. Het vals laten lopen van de kaarten 
    b. Vals couperen 
    c. Vals schudden 
    d. Vals uitspreiden 
    e. Dribbelen 
    f. Dubbel lift 
    g. Gedwongen keus 
7. Schuin gesneden kaarten 
8. Gereduceerde keus pakken 
9. Pakken met ruw-glad kaarten

X. EFFECTEN MET GEPREPAREERDE PAKKEN EN KAARTEN 
I1. Joker telt voor alles 
2. Rood-blauw transpositie 
3. Kaart uit enveloppe 
4. Rode kaart in blauwe pak 
5. Voorspelling op kaart 
6. Effecten met Svengali pakken 
    a. Matcho 
    b. Mentale stop 
    c. Verwisseling 
7. Vier azen effekt met dubbele beeld kaarten 1 
8. Vier azen effekt met dubbele beeld kaarten 2 
9. Rood-blauw transpositie

XI. MUNTEN (EN ANDERE KLEINE VOORWERPEN) 
1. Attributen 
2. Palmeren 
    a. De vingerpalmage 
    b. De klassieke palmage 
    c. De vingerklem ('finger-pinch'). 
    d. De duimpalmage 
    e. De Goshmanklem ('Goshman-pinch'). 
    f. De randpalmage ('edge-palm') 
    g. De voorpalmage ('front-palm') 
    h. De vleespalmage ('flesh-palm') 
    i. De vingertop- en nagelpalmage 
3. Valse overgangen 
    a. Het vals overgeven van een munt van de ene hand naar de 
    andere hand 
        [1]. Methode  
        [2]. Methode 2 
        [3]. Methode 3 
        [4]. Methode 4 
        [5]. Methode 5 
        [6]. De Van Rhee pendelovergangen 
    b. Vals overnemen 
        [1]. De Ramseyverdwijning ('Ramsey-vanish'): 
        [2]. De Tourniquet ('French drop'). 
    c. Meerdere munten vals overgeven of nemen 
        [1]. De achterhoud methode 
        [2]. Verwissel overname. 
    d. Klikovergangen 
        [1]. De klassieke overgang 1 
        [2]. De kalssieke overgang 2. 
        [3]. De Van Senus overgang 
        [4]. De Van Rhee klikovergang 1 
        [5]. De Van Rhee klikovergang 2 
4. Muntverwisselingen 
    a. De duimpalmageverwisseling 
    b. De vingerpalmageverwisseling 
    c. De palm-klemverwisseling 
        [1]. De heen beweging 
5. Heimelijke overgangen 
    a. Heimelijk overnemen. 
        [1]. De Van Rhee methode 1 
        [2].  De Van Rhee methode 2. 
        [3]. De klassieke vuistdiefstal. 
        [4] De Gary Kurz methode 
    b. Heimelijk overgeven 
    c. De onderstediefstal 
    d. Stelen van een andere plaats 
    e. Het Han Ping Chien principe 
    f. Vals neergooien.

XII. EFFECTEN MET MUNTEN 
1. Oefen routines voor munten 
    a. Oefen routine 1 
    b. Oefen routine 2 
2. Munten plukken 
    a. Benodigdheden 
    b. Voorbereiding 
    c. Vertoning 
3. Munten naar schotel 1 
    a. Effect 
    b. Benodigdheden 
    c. Voorbereiding 
    d. Vertoning 
4. Munten naar schotel 2 
5. Munten naar glas 
    a. Effect en benodigdheden 
    b. Vertoning 
6. Chinese munten mysterie 
7. Munten twee maal door de tafel 
    a. Routine 1 
    b. Routine 2

XIII. BEKERS EN BALLEN 
1. Manipulaties 
    a. Terminologie 
    b. Het vals overnemen van een sponsbal 
    c. Het heimelijk laden van de bekers 
        [1]. Samen met ander bal 
        [2]. De vallading: 
        [3]. De kantellading 
        [4]. De vingertoplading 
        [5]. De leeg-toon lading 
        [6]. De bijvoeglading 
    d. Het vals laden van bekers 
    e. Het vals leeg tonen van een beker 
        [1]. De veeg metode 
        [2]. De gewone omkeer metode 
    f. Het stelen van een bal 
        [1]. Tijdens het plaatsen van een beker over de bal 
        [2]. Veeg en klem metode 
        [3]. Tijdens het verschuiven van een beker 
2. Bekerspelroutine 
    b. Vertoning 
    c. Verschijnen van drie ballen 
    d. Ballen worden onzichtbaar via de opening in de bekers gegooid 
    e. De ballen passeren onzichtbaar door de bodem 
    f. De ballen worden schijnbaar gestolen 
    g. Linker en rechter bal gaan naar het midden 
    h. De onzichtbare kleine en grote sprong 
    i. Ballen in de lift 
    j. Het rollen van onzichtbare ballen 
    k. De climax 
3. Bal met kom 
    a. Voorbereiding 
    b. Vertoning 
    c. De onzichtbare vlucht van de bal van de linker zak naar de kom 
    d. De onzichtbare vlucht van de bal van de rechter zak naar de  
   kom 
    e. Tweede vlucht van rechter zak naar kom 
    f. De produktie van de dobbelsteen 
    g. Produktie van de noot 
4a. Balletjes op vuist 
    a. Het plaatsen 
    b. Het wegnemen 
    c. Het vals plaatsen op de vuist 
    d. Het vals wegnemen 
        [1]. Identieke voorwerpen 
        [2]. Ongelijke voorwerpen 
    e. Het heimlijk laden van de fuist 
    f. Het stelen uit de vuist 
4b. Ballejes op vuist routine 
    a. Benodigdheden 
    c. Vertoning 
    d. Entree van de balletjes 
    e. De onzichtbare overgang van linker- naar de rechterhand 
    f. Bal uit zak naar vuist 
    g. Dobbelsteen en balletjes 
    h. Climax

XIV. DRAAD, TOUW EN LINT 
. Touwroutine 1 
    a. Vals knippen van 3 touwen 
    b. Het vals tonen van 3 touwen 
    c. Van 3 gelijke naar 3 ongelijke lengtes en terug 
    d. Het één geheel maken van 2 touwen 
    e. Doorknippen en weer heel maken 
    f. Touw met schaar 
    g. Eén geheel maken van 2 losse stukken 
2. Touwroutine 2 
    a. Benodigdheden 
    b. Preparatie 
    c. Vertoning 
3. Pluisdraad 
    a. Benodigdheden 
    b. Voorbereiding 
    c. Vertoning

XV. PEDDELS 
1. De vorm 
2. De peddelbeweging 
3. Beeld verandering 
4. Gewone peddels 
    a. De gekleurde stip peddel 
    b. Geld produktie 
    c. Relatieve cijfers pedde 
5. Bijzondere peddels 
    a. Peddel met maskering 
    b. Peddelbeweging met 2 dobbelstenen

XVI. DE SCHAAL EN DE FLAP 
1. Vermenigvuldigende ballen 
2. De muntschaal 
3. De flap 
    a. Leien 
    b. Het verdwijn-doosje 
    c. De muntschaal als flap

XVII. PAPIER SCHEUREN 
1. De directe manier 
2. Verbeteringen 
    a. Benodigdheden 
    b. Vertoning 
3. Met uitleg 
    a. Salon- toneelvariant 
    b. Close-up variant 
4. Speelkaart scheuren

XVIII. SPECIALE EFFECTEN 
1. Wandelende munten 
    a. Benodigdheden 
    b. Basis beweging 
    c. Voorbereiding 
    d. Vertoning 
2. Ring aan stokje 
3. E. S. P. kaarten. (E. S. P. = Extra Sensory Perception).  
    a. Effekt 1 
    b. Effekt 2 
1. Vertoning 
2. Eerste Experiment 
3. Telepatische dwang 
4. Gedachten lezen 
5. Willekeurige coïncidentie 
6. Laatste kaart 
4. Verdraaide draai 
    a. Benodigdheden 
    b. Voorbereiding 
    c. Vertoning 
5. Samenkomst van vier (Four assembly) effecten 
    a. Vier sponsjes en twee zakdoeken 
    b. Flessen doppen 
6. Het Okito doosje 
    a. Heimelijk omkeren tijdens het afsluiten 1 
    b. Heimelijk omkeren tijdens het afsluiten 2. 
    c. Heimelijk omkeren tijdens het openen 1. 
    d. Heimelijk omkeren tijdens het openen 2. 
    e. Routine met Okitodoosje 
7. De binnenste buiten kaart. ( the inside-out card )

XIX. IETS OVER DE PRESENTATIE 
1. Inleiding 
2. Het uitgangspunt 
3. Waarom presentatie 
4. Afleiding en misleiding 
5. De amusementswaarde 
6. Komedie 
7. Psychologische opbouw

GALERIJ DER PROMINENTEN

JEAN PAUL 
Jean Paul met één oog

ARNOUD VAN DELDEN 
Chinese munt aan koord 
Benodigdheden 
Voorbereiding 
Vertoning

MARCONICK 
1. Een kettingreactie 
    Benodigdheden 
    Preparatie 
    Vertoning 
2. Doekverschijning in knoop 
    Benodigdheden 
    Vertoning

JOSLI 
Josli's azen entree 
    a. Productie van de eerste aas 
    b. Productie van de tweede aas 
    c. Productie van de derde aas

PETER PELLIKAAN 
Peter Pellikaans vals coupeer methode 
    a. De basis handelingen 
    b. Variant 
    c. Vier azen entree

FL!P 
1. Drie biljet verwisselingen 
    a. Verwisseling 1 
    b. Verwisseling 2 
    c. De FL!P-verwisseling 
2. Bankbiljet-ACE 
    a. Voorbereiding en benodigdheden 
    b. Vertoning 
3. EFFE MEER EFEMEER*, een mentalusie 
    a. Preparatie 
    b. Vertoning 
4. Minder is meer, hoewel....... 
    a. Effecten 
    b. Benodigdheden en voorbereiding 
    c. Vertoning

FERRY (goochelaar  fraude)

IZISRECOV 
1. Presentatie 
    a. Inleiding 
    b. Interactie met toeschouwer 
    c. Uitleg sterrenbeeld 
    d. Onthulling voorspelling 
    e. Afronding

202 Blz.

0036